Deel 1 van het verslag van de beklimming van de Kilimanjaro
(via de Machame route)

door Karel Huijgen

Nadat ik verschillende keren aan de voet van de Kilimanjaro had gestaan, was de tijd aangebroken mijn bergschoenen aan te trekken met de bedoeling de hoogste bewandelbare berg ter wereld, de Kilimanjaro, het hoogste punt van Afrika, te beklimmen. Op woensdag 27 juli 2005 om 06.00 uur bereikte ik de top van deze 5.895 meter hoge berg. Zal ik ooit nog eens deze machtige berg in het Afrikaanse Tanzania beklimmen? Beleef het mee in mijn reisverslag.

 

Transfer van Nairobi (Kenia) naar Moshi (Tanzania)

Na aankomst op de internationale luchthaven van Nairobi om 19.45 uur (woensdagavond 20 juli) krijgen we een transfer naar Comfort Inn, waar we overnachten.
De volgende ochtend (donderdag 21 juli) vertrekken we om 07.30 uur per shuttlebus van de firma Riverside. Er zitten nog meer passagiers in de bus: Indirs, Kenianen en 9 Hollanders. Douaneformulieren worden voor vertrek uit Nairobi uitgereikt en ingevuld. Bij Namanga, de grenspost tussen Kenia en Tanzania verloopt alles naar wens. Om 13.00 uur komen wij aan in Arusha, bij het Mount Meru Hotel. Op de grote parkeerplaats van dit hotel is een transito busstation. We moeten daar overstappen in een andere shuttlebus die ons naar Moshi zal brengen. Langs deze route worden veel mas, thee, koffie en allerlei groentensoorten verbouwd. Handwerklieden, zoals smeden, meubelmakers, autoreparatiebedrijven, zijn schering en inslag langs deze route.
Om 15.30 uur aankomst in Keys Hotel te Moshi. Dit hotel ligt aan de buitenzijde van Moshi, midden in de groene natuur. We ontmoeten daar de groep van zes uit Boxtel, die de Mount Meru reeds beklommen hebben.

De volgende ochtend worden we om 05.30 uur gewekt. De avond vooraf aan deze dag heb ik alles heringepakt. Een gedeelte van de bagage dat we niet nodig hebben tijdens de beklimming blijft achter in het hotel. De duffel en mijn rugzak zijn gepakt geheel in overeenstemming met de behoefte gedurende de volgende zeven dagen.
Vertrek om 07.15 uur met een busje waarin onze groep van 20 personen. We rijden nog even langs Mauly Tours, het agentschap dat de gehele organisatie verzorgt gedurende de beklimming. Een groot gedeelte van het personeel is dan bezig met het inladen van alle goederen die we nodig hebben gedurende de komende dagen.
We reizen dan verder via Moshi (950 meter hoog) naar Machame Gate (1.800 meter hoog). Het is erg mistig bij de gate. We boeken ons in bij de office en vertrekken om 09.50 uur voor de 1e etappe naar Machame Camp. Het grote avontuur tegemoet. De lengte van de route naar de top bedraagt 48 kilometer.

 

 

Dag 1: klimmen van 1.800 naar 3.000 meter

Vrijdagochtend, 22 juli, zijn we aan de klim begonnen naar de top van de Kili. De gehele stijging in de mist van het tropisch regenwoud gelopen. Beter mist dan de verzengende hitte van het regenwoud. Hierdoor kunnen we energie opslaan voor de laatste etappes. De bestijging is geleidelijk. Het lichaam moet de eerste 15 minuten wennen aan het klimritme, dit geldt voor iedereen. Om het halve uur een korte drinkpauze. Het regenwoud wordt plotseling donker en de eerste reuzenvarens verschijnen. De eerste helft van het pad biedt afwisselend lichte stijgingen en vlakke stukken door donker en hoog regenwoud. Het pad voert over een kam, die door de dichte bebossing niet meteen en steeds als zodanig herkenbaar is. Hoe hoger men stijgt, des te stiller en donkerder wordt het. Om 12.00 uur een stop voor het nuttigen van het lunchpakket. Tropisch regenwoud, alles is met mos bedekt, geen dieren, weinig vogels.
Het tweede gedeelte gaat heel lang steil omhoog. De volgende 2 uur vergen veel energie en oplettendheid van ons. De stijgingsgraad verdubbelt zich naar iets boven de 20%. Als er steeds minder bomen zijn, naderen we het einde van dit gedeelte van de tocht.
Om 14.30 uur aankomst Machame Camp op 3.000 meter. De ligging van het grote Machame Camp is fantastisch, precies op de grens van regenwoud en heidevelden. Vanaf hier hebben we 's morgens en 's avonds een prachtig uitzicht op de KIBO. De begeleiders, bestaande uit gidsen, koks en dragers, komen tegelijkertijd aan. Ze dragen elk een bagagegewicht van 20 kilo op hun hoofd. Meer kilo's is niet toegestaan.
Elke dag teatime met warme popcorn en koekjes. Het avondeten bestaat uit spaghetti met vlees, aardappelen met saus en groenten. Thee en avocado na als toetje. Om 20.00 uur de slaapzak ingekropen.
 

 

Dag 2: klimmen van 3.000 meter naar Shira Camp op 3.800 meter

Het ontbijt bestaat uit heerlijke maspap, geroosterd brood, gebakken ei, warme worstjes en mangofruit.
Opnieuw mistig weer. Ik trek daarom tegen de kou mijn fleecejack aan. Naarmate we stijgen, zijn er steeds minder bomen, wel ontdekken we een bloemenpracht tussen de lage struiken.
Het traject van vandaag is dubbel pittig vergeleken met gisteren. Af en toe duiken wat rotsen op en nu herkennen we zeer duidelijk dat men zich op een kam bevindt. Ver voor ons uit zien we het Shira-plateau, het einddoel van deze dag. Af en toe gaat het pad door een dal om daarna weer te stijgen. Na ongeveer een uur kunnen we niet meer van een weg spreken, het is meer een steil paadje van een halve meter breed, erg steil en rotsig. In het bovenste gedeelte moet men zelfs "bergbeklimmen".
De lunch wordt geserveerd aan het begin van het Shira-plateau. Soep, sandwiches (jam met pindakaas), komkommer, tomaten, biscuitjes, gekookte eieren. Alles prima.
Tijdens de behoorlijke klim van die middag is het een eerste vereiste dat we niet te overmoedig worden, want het pad slingert zich aan de rechterkant langs een 30/40 meter diepe afgrond. Als beloning zien we voor het eerst de Kilimanjaro. Wat is hij nog ver weg.
We zien daarna grote hoeveelheden boomheide, reuzenlobelia's en reuzenkruiskruid in de nevel opduiken. Verder gaat het door struikgewas van strobloemen en over natte, naakte rotsen. Zwart zand en zwarte rotsen ter grootte van een huis waar men overheen, onderdoor, voorbij en omheen moet, bepalen het karakter van het landschap. Na circa 5 tot 6 uur is de rand van het Shira-plateau bereikt. De kwellende bestijging door dit sinistere, zwarte, absoluut stille landschap is ten einde.
In Shira Camp hetzelfde ritueel als de vorige dag: teatime, rusten, avondeten en weer om half acht de tent in. Het is behaaglijk in mijn slaapzak. Er waait een ijskoude wind over het plateau. Het is koud, bitter koud, het vriest.


Dag 3: van Shira Camp naar Barranco Camp, afstand 10 km, duur circa 6 uur

Vandaag vrij gemakkelijk. Wel een behoorlijke afstand. Eerste gedeelte mistig, na 11.00 uur af en toe zon. We klimmen tot 4.400 meter, een goede test om te ontdekken hoe het met de hoogteziekte zit. Ik heb geen hoofdpijn. Een goed teken.
We volgen vanaf hier de Southern Summit Bound en bereiken een grote zwarte zandwoestijn, die met miljoenen zwarte steenbrokken bezaaid is. Het pad gaat nu circa 1 uur bergafwaarts. Er is weer meer vegetatie maar het blijft een woestijnachtig karakter houden. Na circa 2 uur lopen komen we langs een steile rotswand in de kleuren zwart, rood, bruin en wit, tot we het Barranco Camp bereiken.
Opvallend zijn de bijzondere verschijningen van de bomen (Dendrosenecio Kilimanjari). Stilstaand bespeur je de ijzige kou die naar beneden komt. We dalen en stijgen nog twee keer en komen om half drie in het kamp aan. De tenten zijn al opgezet door de 58 hoofden tellende groep dragers. Het avondeten bestaat uit macaroni, groentesaus, kippenpootjes, fruit en thee na als toetje. We moeten per dag 5 6 liter vocht innemen. Dit ter voorkoming van de gevreesde hoogteziekte.
Koud was het die nacht, ondanks de dikke bergsokken bleven mijn voeten koud. Het slapen gaat steeds moeilijker naarmate we hoger komen. Een sanitaire verplichting 's nachts is een martelgang. Strompelen tussen en over rotsen heen en met een hoofdlamp op het voorhoofd is beslist geen uitje. Terug in je tent lig je nog zeker 10 minuten te hijgen voordat je hartslag weer enigszins normaal is.
 

 

Dag 4: van Barranco Camp naar Karanga Camp op 4.250 meter

Direct na het ontbijt beginnen we aan de beklimming van de Barranco Wall, ook wel genoemd de Breakfast Wall, omdat deze meteen na het ontbijt genomen moet worden. De beklimming van deze Breakfast Wall valt mij vanaf het begin zeer zwaar. Op handen en voeten een beklimming van 250 meter hoogte. Het is moeilijk je ademhalingsritme vast te houden ( n stap inademen en twee stappen uitademen). De hoge stappen op de rotsblokken zijn zeer vermoeiend waardoor het ademhalingsritme ontregeld wordt.
Halverwege krijgen we een korte drinkpauze waarmee ik heel gelukkig ben.
Het tweede gedeelte van de klim ga ik mijn passen verkleinen tot de helft. Dit geeft mij een beter ritme waardoor de hartslag minder hoog is. Deze klim neemt ruim 1,5 uur in beslag.

Boven aangekomen zien we vanaf een klein plateau de KIBO. Rechts zien we het verdere pad, dat in de zon glanst. Het gaat nu weer een tijdje op een steile aardeweg bergafwaarts. Een klein half uurtje na de "Breakfast" moeten we weer een beekje oversteken. De rest van het pad is snel beschreven: bergop, bergaf, beekjes oversteken (sommige zijn opgedroogd), bergop, bergaf, beekjes oversteken enzovoort.
Deze middag staan nog twee gevaarlijke afdalingen op het programma met tenslotte een pittige beklimming.
Plotseling zien we een reusachtig dal, de Karanga Valley. De afdaling is steil, daardoor zijn we ook zeer snel bij de Karanga River (een beekje). Aan de bedding van het beekje verfrissen we ons met het ijskoude water.

Een heerlijk avondeten staat op ons te wachten: soep, aardappelen, groentetaartje en warme witte kool. Natuurlijk weer fruit na.
 
Na vier dagen klimmen voel ik me nog steeds topfit. Geen hoofdpijn, geen spierpijn, geen blaren, geen diarree en hoe vreemd het ook lijkt ... nog niet vermoeid.

 

Dag 5: van Karanga Camp naar Barafu Camp op 4.670(!) meter hoogte. Afstand 7 km, geplande duur 6 uur

We vertrekken vroeg omdat we aan het begin van de middag in Barafu Camp moeten aankomen. We hebben dan tijd nodig om te rusten. Dezelfde nacht om precies twaalf uur moeten we het allerbelangrijkste, zwaarste en gevaarlijkste traject afleggen wat ons uiteindelijk op het hoogste punt van Afrika zal brengen.
Vandaag, dinsdag 26 juli, gaat het direct weer bergop. Over zwarte bodem, hier en daar wat graspollen. Toch gaat de weg weer als voorheen: bergop, bergaf. Hiervoor worden beloond met grandioze vergezichten.
We lopen nu al twee dagen boven de wolken. Een prachtig gezicht om ver beneden je het wolkendek te bewonderen. Heel ver weg zien de Mount Meru, die met zijn 4.500 meter boven de wolken uitsteekt. Een fascinerend gezicht!!
Richting Barufu Camp betekent dat we in het voor de voeten liggende dal moeten afdalen en op de daartegenover liggende kant weer steil omhoog moeten klauteren. We gaan links omhoog en zien na circa 20 minuten voor de eerste maal de Mawenzi wand. De weg blijft stijgen en de ondergrond is vast en hard. Lastig is alleen de koude wind.
Na korte tijd zien we een fenomenaal schouwspel.... Linksboven bevindt zich de "Breuk", een machtige West-Oost Weergrens: men kan precies volgen hoe de enorme wolkentorens aan komen drijven en op deze "Breuk" botsen en omdraaien.
Dan verandert het karakter van het landschap. De steenbrokken worden vaste platen, die langs het pad liggen. Nog een half uur en men bereikt een versperring: een lavarug. We klimmen er in rechte weg overheen. Dan zijn we in Barufu Camp. Pure steenwoestenij.

Na aankomst in het kamp gebruiken we de lunch... rusten... drinken.... thee.... rusten... opnieuw gebruiken we de avondmaaltijd. Er heerst een interne spanning bij alle 20 deelnemers van de groep. Het is te begrijpen..... vannacht moet het gaan gebeuren. Vroeg naar bed, want om 23.00 uur gaat de wekker.

Gekleed met een dubbele laag thermo-ondergoed met daarover een fleecejack duik ik om 19.00 uur mijn slaapzak in. Van slapen komt weinig. De spanning voor de beklimming van vannacht is sterker dan de drang naar slaap. Ik probeer op mijn rug te liggen met de armen gestrekt naast het lichaam. Een manier voor gehele lichaamsontspanning. Het keren van je ene zij op je andere zij kost extra energie, doordat je ademhaling gelijk fors oploopt. Ik val niet in slaap. In mijn gedachten ben ik met de laatste klim bezig. Zo dichtbij. Nog 1.200 meter klimmen. Ik ben nog steeds topfit, niet vermoeid. Ik weet van mezelf... ik ga het halen... Nog steeds geen hoofdpijn. Diep in mijn slaapzak weggekropen vraag ik de kracht en de gezondheid voor deze zware, zeer zware finale.
 

 

Vervolg ......

Sitemap